Eilandhoppen (Melanie)

De nauwkeurige lezer zal opmerken dat de datum van dit bericht (6 juni) niet helemaal strookt met de datum van het ontvangen (16 juni). Laten we het retroactief noemen. 

Zoals jullie misschien nog weten, fietsen we langs de Atlantische oceaan. De Vélodyssee, die we momenteel volgen, heet in het Engels niet voor niks de 'Atlantic coast route'. 
Zelfs wanneer de zee uit zicht is, is ze nabij... 

Het plan was om te gaan eilandhoppen, en om met wat kunst-en vliegwerk (of toch met wat strategische boottochtjes) fietskilometers te besparen. De stippellijntjes op google maps, waarmee vaarroutes aangeduid worden, waren alvast veelbelovend.  

Bert schreef jullie vanop eiland 1: île d'Oléron. 

Ile d'Oléron bestaat voor een groot deel uit oesterkwekerijen. Oesters overal, in winkels, restaurants of, zoals hier, gewoon langs de weg. Het wordt een dinner for one, gezien ik de enige fan ben.


Wij onthouden van île d' Oléron vooral de camping, met Amigo, de slak, als mascotte. Het liedje "escargot, escargot, et son nom est amigo", dat de kinderen voor de gelegenheid bedachten, zal nog lang klinken.  

Het plan werkt, van île d'Oléron varen we naar La Rochelle, waarmee we enkele tientallen kilometers verderop onze route uitkomen. Wie goed kijkt ziet in de verte fort Boyard. Vandaag mag niemand meer op het eiland, zelfs niet om sleutels te verdienen. Errond varen dan maar... 

Na île d'Oléron hopen we hetzelfde kunstje te herhalen op eiland 2: île de Ré, waar zelfs mijn vader, die volgens mij pas op zijn 60 zijn eerste fiets kocht (of die pas vanaf dan begon te zien als een gebruiksvoorwerp) gaat fietsen... . En inderdaad: het eiland heeft mooie fietspaadjes die vooral bereden worden door oudere vakantiegangers met een fiets (en een mobilhome). Onze vriend Amigo heeft ook op île de Ré een camping. Groot is onze teleurstelling wanneer (na een half uur aanschuiven aan de receptie) blijkt dat hier geen tenten aanvaard worden. 

Gelukkig zijn er wel ijsjes op île de Ré

Qua eilandhoppen komen we van een kale reis thuis: de boot die op google maps staat aangegeven vanuit île de Ré (en die een stevig stuk route zou afsnijden), vaart enkel in juli/augustus, wanneer er nóg meer touristen zijn dus. Na even zoeken vinden we een bootje dat ons wil meenemen, als 'privé taxi'. Helaas is de prijs navenant: €500 tot Les Sables-d'Olonne en €200 tot La-Tranche-sur-Mer. Voor die prijs fietsen we toch maar liever zelf... .  

Op zoek naar een schipper 

Terug op het vasteland verandert de omgeving; de toeristen die hier komen zijn eerder Fransen op daguitstap, dan Duitsers en Nederlanders met de camper. Na de vele campings ben ik alvast blij terug wat wilder te kamperen. Met als plan ons te installeren op een 'aire' voor mobilhomes (lees: onze tent zetten op het gras naast een parkeerplek voor mobilhomes), gaan we water vragen en een pannenkoek eten bij een lokaal kraampje. Hier geraak ik aan de praat met wat vissers, die met wat weemoed vertellen hoe de visvangst niet meer is wat ze geweest is. Er wordt met de vinger gewezen naar het naburige golfterrein, waarvan het (ongezuiverd?) afvalwater naast hun hutje/visplek geloosd wordt in de zee. 

Een van de heren biedt ons zijn vissershut aan voor de nacht, een aanbod waar we graag op ingaan. Ze ligt bij vloed in de zee, bij eb aan land. Op aanraden van onze gastheer heisen we onze fietsen achter het poortje, blijkbaar wordt hier nogal onvervaard strandgejut, en zijn ze op het strand niet veilig.

Het hutje is supergezellig, mét bed, wat Irene ten zeerste kan appreciëren.

De rest kiest voor een nachtje onder de sterrenhemel (of eerder onder de wolken). Veel slapen we niet, maar gezellig en avontuurlijk is het wel!

Ontbijt (met zicht) op zee.

De volgende dag staat een verrassing ons op de weg op te wachten. Het is een jong vogeltje, dat luidkeels kweelt om eten/water. 

Zelf pikken kan hij niet, dus steken we de slakken/gieten we het water zelf in zijn opengesperde bek. 

Een kleine test toont dat het vogeltje nog absoluut niet klaar is om te vliegen, noch om op een tak (of een stuur) te blijven zitten. (Net na de foto viel hij naar beneden) 

Omdat het nest belachelijk hoog is, het vogeltje erg luidruchtig maar niet in staat zich te bewegen (stappen noch vliegen) én er op deze weg auto's passeren, besluiten we het een lift te geven. We noemen hem Coco, en beginnen alvast met het verzamelen van slakken om zijn gigantische honger te stillen.

Coco mag bij Raf op schoot. Al snel eindigt hij niet op maar in de zak, want braaf stilzitten op een rijdende pino blijkt wat hoog gegrepen voor onze nieuwe reisgenoot.

Comments

Popular Posts